Nederland is niet cool

Nederland is niet cool. Nog niet misschien. CNN deed onderzoek naar de ‘coolheid’ van landen en nationaliteiten. Er werd zelfs een heuse Top-12 (!) opgesteld. En raad eens wat? Nederland staat er niet in! Slechts twee Europese landen krijgen het predikaat ‘cool’. Op nummer 6 komen we Spanje tegen. Oké, daar valt meet te leven. Op de elfde plaats staat… België! Hûh? Ja: je leest het goed, België!

Wij Nederlanders weten heus wel dat de Belgen beter bier brouwen...

Wij Nederlanders weten heus wel dat de Belgen beter bier brouwen...

Hele waslijst
Volgens CNN kan de ene nationaliteit cooler zijn dan de andere. Daar kunnen we het allemaal mee eens zij, toch? Uit een hele waslijst van ongeveer 250 landen werd de Top-12 samengesteld. Er is gekeken naar allerlei kenmerken die te maken hebben met hipheid en coolness. De Top-12 ziet er als volgt uit:

  1. Brazilië
  2. Singapore
  3. Jamaica
  4. Mongolië
  5. Verenigde Staten
  6. Spanje
  7. Japan
  8. Botswana
  9. China
  10. Nepal
  11. België
  12. Turkije

Tja, daar sta je dan te kijken met je spreekwoordelijke bek vol met tanden! Nederland, met je nuffige klompen en melige molens. Nederland, met je Jantje Smit en die andere drie J’s. Nederland, met je eeuwige gepolder en gezanik. Nederland, met je continue vloed aan talentenjachten en realityprogramma’s. Nederland… un-cool land!

Noord-Belgen
Wellicht kunnen we ons als Nederlanders voortaan gaan beschouwen als Noord-Belgen? Dan maken de pralines, de Vlaamse frieten, het belabberde wegdek, de mooie steden en de vele heerlijke biersoorten voortaan ook deel uit van ons erfgoed. Oké, dan nemen we de politieke stuurloosheid en de (valse) bescheidenheid van België op de koop toe. Veel zal het niet verschillen van Nederland, toch? Of is het kabinet van Rutte een zegen? O ja, om het ons Nederlanders nog even in te peperen, noemt CNN Haiku Herman (EU-president Herman Van Rompuy) de meest übercoole Belg. Nou, daar kunnen we het mee doen.

Tamagotchi voor je hond

Het is maar zeer de vraag of we onze skrivaduvel er een plezier mee zouden doen. Volgens mij weegt de Dog-e-Minder namelijk nog wel wat. De wat? De Dog-e-Minder, een soort van Tamagotchi voor aan de halsband van je trouwe viervoeter. Uiteraard is het een – overbodige – Amerikaanse vinding.

Jack Russells willen altijd wandelen.

Jack Russells willen altijd wandelen.

Vlooien, luizen en teken
Het apparaatje houdt bij wanneer je hond heeft gegeten en gedronken, wanneer hij (of zij) is wezen wandelen en of het tijd is voor de volgende behandeling tegen vlooien, luizen, teken en andere lastige beestjes. Gebruikt je huisdier medicijnen? Ook dat schijnt de Dog-e-Minder te kunnen bijhouden. O ja, de ‘Doggigotchi’ fungeert tevens als een soort van identificatiemiddel. Je kunt namelijk je naam en telefoonnummer in het apparaatje zetten. Mocht je vrolijke vriendje er tussenuit peren, dan kan de eerlijke vinder er voor zorgen dat-ie weer snel terug is bij zijn baasje.

Een overbodige Amerikaanse vinding: de Dog-e-Minder. (c) Dog-e-Minder.

Een overbodige Amerikaanse vinding: de Dog-e-Minder. (c) Dog-e-Minder.

Niet automatisch
Helaas werkt de Dog-e-Minder niet automatisch. Telkens als je een activiteit hebt uitgevoerd (voeren, wandelen, behandelen tegen beestjes) moet je op een knopje drukken. Of dit nu zo handig is in het dagelijks gebruik, is de vraag. Ik kan me wel voorstellen dat een Dog-e-Minder gemakkelijk is bij dierenpensions en uitlaatservices.

Tommy bedacht in Brabant

Moffen, Yanks, Tommy’s. Iedereen met een beetje interesse in oorlog en geschiedenis kent deze bijnamen wel. Vrij weinig personen weten de oorsprong van deze ‘geuzennamen’. Hoog tijd om eens in die naamgevingshistorie te duiken!

‘Mof’ bestaat al eeuwenlang
Het scheldwoord ‘mof’ bestaat al eeuwenlang in het Nederlands. Zowel in Vlaanderen als in Nederland werd het gebruikt om onze Oosterburen er mee aan te duiden. Het gebruik van het woordje ‘mof’ neemt af. De tijden dat zelfs ons staatshoofd het in haar speeches gebruikte, liggen (gelukkig) ver achter ons. Al in de zestiende eeuw werd in de Lage Landen gesproken over moffen. Daarmee werden immigranten aangeduid die profiteerden van de armenzorg. Met ‘mof’ duidde men in deze tijd dus niet per se altijd een Duitser aan.

De scheldnaam 'mof' wordt vooral geassocieerd met de Tweede Wereldoorlog.

De scheldnaam 'mof' wordt vooral geassocieerd met de Tweede Wereldoorlog.

Duitsers met een grote mond
Hoe is ‘mof’ dan in verband gekomen met onze Oosterburen? Er bestaat een Duits woordje, ‘Muff’. Daarmee duiden de Duitsers iemand aan met een grote mond. Ha! Dat is het: Duitsers hebben grote monden, dus zijn we ze ‘moffen’ gaan noemen! Misschien… Het kan ook maar net zo zijn dat het scheldwoord op een andere manier is ontstaan. Zo droegen Duitse soldaten uit Münster tijdens het beleg van Groningen (in 1672) moffen. De inwoners van de Lage Landen vonden dit zeer verwijfd aandoen. Die Duitse soldaten konden nooit veel soeps zijn! Het is ook goed mogelijk dat we het woord ‘mof’ te danken hebben aan de Oost-Friezen en Eemslanders. Zij noemden de Duitse landen in de zeventiende eeuw ‘Muff’. Om een lang verhaal kort te maken: we weten niet precies waar het woordje vandaan komt.

Eerste Coalitieoorlog
Heel anders is het gesteld met ‘Tommy’. Van deze bijnaam is de exacte geboorteplaats en geboortedatum bekend. Hou je vast, dan gaan we terug naar september 1794, naar de Eerste Coalitieoorlog tegen de Franse Republiek. De veldslag werd uitgevochten tussen Franse troepen onder bevel van generaal Jean-Charles Pichegru en geallieerde troepen (Britten, Hessen en Hannoverianen) onder het commando van Frederik August, hertog van York stonden. Op 14 september 1794 rukten de Fransen al strijdend op naar ‘s-Hertogenbosch. Zij vielen hierbij de geallieerden bij Boxtel vanuit drie zijden aan. Na een hevige strijd van een uurtje of drie werd het dorp en de strategisch belangrijke brug over de Dommel ingenomen. Daarna gingen de Fransen verder met hun veldtocht.

De naam van soldaat Thomas Atkins werd synoniem voor de dappere Britse strijder.

De naam van soldaat Thomas Atkins werd synoniem voor de dappere Britse strijder.

Hertog van Wellington
Op 15 september 1794 wilden de geallieerden Boxtel heroveren. De Britse versterkingen slaagden daar echter niet in. Sterker nog: de geallieerden vluchtten in blinde paniek en werden achterna gezeten door de Franse troepen. Arthur Wellesley, de latere hertog van Wellington, voerde deze dag samen met zijn 33-ste infanterieregiment zijn allereerste veldslag. Hij bewees toen een kundig strateeg en een bekwaam militair te zijn. Eén van zijn soldaten – Thomas Atkins – kreeg het zwaar voor de kiezen tijdens de strijd. Wellesey zocht de stervende jongeman op en informeerde naar zijn toestand. Thomas richtte zich op naar zijn commandant en sprak de historisch geworden optimistische woorden: “It’s all right sir, it’s all in a day’s work“. Kort daarop sloot Atkins voorgoed zijn ogen. Sinds 15 september 1794 is de voornaam van Atkins in gebruik als koosnaam voor Britse soldaten. ‘Tommy’ verwijst naar de optimistische en moedige instelling van de Britse strijders.

Aan de geuzennaam 'yankee' zit een Nederlands tintje.

Aan de geuzennaam 'yankee' zit een Nederlands tintje.

Nieuw-Nederland
En hoe zit het dan met ‘Yanks’? Ook hier zit een Nederlands tintje aan! De Nederlanden hadden in de zeventiende eeuw (tot september 1664) een kolonie in het gebied dat wij nu Verenigde Staten van Amerika noemen. In dit Nieuw-Nederland (met Nieuw-Amsterdam als hoofdstad) woonden veel personen met ‘Jan’, ‘Kees’ en ‘Jan-Kees’ als voornaam. Dit was trouwens ook het geval in de Nederlanden zelf. Erg origineel waren ze niet als het op voornaamgeving aankwam. ‘Yankee’ is een verengelste variant van ‘Jan-Kees’.

Geuzennaam voor alle inwoners
Aanvankelijk werden er Nederlandse  kolonisten mee aangeduid. Later werd de naam ook gebruikt voor Engelse kolonisten, die zich vestigden in voormalig Nederlands gebied. Weer later werd Yankee de geuzennaam voor alle inwoners van dit gedeelte van de Verenigde Staten (New-England). De beide wereldoorlogen zorgden er voor dat de Europeanen alle Amerikaanse strijders aanduidden met de bijnaam ‘Yankee’.

Snelheidsduivels op grasmaaiers

Regisseur David Lynch maakte in het laatste jaar van het vorige millennium een bijzondere film over een oude man en zijn vervoermiddel. The Straight Story vertelt het echt gebeurde verhaal van Alvin Straight uit Iowa. Hoewel Alvin niet zo goed kan opschieten met zijn broer, neemt hij toch een bijzonder besluit als hij het nieuws hoort dat broerlief een beroerte heeft gehad. Hij gaat op reis…op een grasmaaier!

Op leeftijd
Alvin, die al behoorlijk op leeftijd is, is slecht ter been en heeft slechte ogen. Daarom mag hij geen auto meer rijden. Maar niemand heeft gezegd dat hij geen grasmaaier meer mag besturen. Hij koppelt een aanhangwagent aan zijn oude grasmaaier en vertrekt. In zes weken tijd trekt hij van Laurens in Iowa naar Mount Zion in Wisconsin. Hij legt in totaal 360 kilometer af.

Alvin Straight legde 360 kilometer af op een grasmaaier. (c) David Lynch.

Alvin Straight legde 360 kilometer af op een grasmaaier. (c) David Lynch.

Snelheidsrecord op een grasmaaier
Het is niet bekend of Alvin met zijn tocht een record vestigde, maar het kan zo maar het geval zijn. Wel bekend is het snelheidsrecord op een grasmaaier. Dat staat – nu nog – op 130 kilometer per uur. Dit Amerikaanse snelheidsrecord dateert uit 2006. Sinds dat jaar zijn er geen pogingen ondernomen om het record te verbreken. Dat gaat binnenkort echter veranderen. Een stel bijzondere Britse snelheidsduivels is namelijk bezig met het Runningbladeproject. Het doel van dit project is met een grasmaaier 160 kilometer per uur te rijden en tevens geld in te zamelen voor twee goede doelen.

Met de Runningblademaaier zou Alvin Straight er geen zes weken over hebben gedaan, maar twee uur en een kwartier. (c) Project Runningblade.

Met de Runningblademaaier zou Alvin Straight er geen zes weken over hebben gedaan, maar twee uur en een kwartier. (c) Project Runningblade.

Een gepimpte grasmaaier
Stephen Vokins, de man achter Team Runningblade, verklaart dat het snelheidsrecord zal worden gebroken op een flink gepimpte grasmaaier. Vokins meent dat zijn grasmaaier op topsnelheid een compleet voetbalveld kan knippen en scheren in 2 minuten en 42 seconden. De gepimpte grasmaaier is deze week officieel gepresenteerd. Hij ziet er écht ontzagwekkend uit. Met de Runningblade-maaier gaan de Britten binnenkort een poging ondernemen voor het Guinness Book of World Records. Het Runningbladeteam moet zich wel aan een paar regeltjes houden: de maaier moet in de winkel te koop zijn en de maaier moet nog steeds maaien op de dag van de recordpoging. Volgens Vokins is dat zeker het geval. Hij maakt zich nog wel een beetje zorgen: “There is a real danger that if the aerodynamics are wrong, it will flip up in the air, with disastrous results“.

Als het aan Team Runningblade ligt gaat het Amerikaanse record sneuvelen. (c) Project Runningblade.

Als het aan Team Runningblade ligt gaat het Amerikaanse record sneuvelen. (c) Project Runningblade.

Matte outfit voor nieuw wielerteam

Er is een grote kans dat radioverbindingen tussen ploegleider en renner in de wielersport worden verboden. Op zich een vreemde zaak, zeker omdat wielrennen een tactisch spelletje is dat niet zonder overleg kan. Voor een nieuw team als het Amerikaanse Team RadioShack is het nog gekker. De sponsor van deze nagelnieuwe en toch overbekende aankomende kampioensploeg van Lance Armstrong handelt namelijk in elektronica! Het hele mediacircus rondom Lance en zijn ploeg is begonnen. Over een paar weken begint namelijk de Tour Down Under. En niet lang daarna zal de RadioShackformatie zich ook in Europa laten zien.

Team RadioShack laat zich ook in Europa zien. (c) Team RadioShack.

Team RadioShack laat zich ook in Europa zien. (c) Team RadioShack.

Nieuwe outfit komt mat over
Gisteren liet het nieuwe team al heel trots de nieuwe outfit zien. De kleuren rood en grijs domineren het wielertenue. Natuurlijk is ook het knalgele Livestrongbiesje aanwezig. Ook Team RadioShack is een ploeg die rijdt voor de strijd tegen kanker. Van een ploeg van Armstrong zou je eigenlijk beter verwachten. Het rood en grijs komen een beetje mat over. Oké, de Astana-kledij zag er helemaal niet uit, maar Armstrongs oude tricots (US Postal, Discovery Channel) boezemden ontzag in. Dat waren pas strakke pakkies!

Het blauw van US Postal en Discovery Channel stond 'm veel beter. (c) Team RadioShack.

Het blauw van US Postal en Discovery Channel stond 'm veel beter. (c) Team RadioShack.

Met de hand geplukte knechten
Goed, als het wielertenue het niet moet doen, dan komt het toch aan op de pedaalkracht van Lance en zijn met de hand geplukte knechten. Er zitten mooie namen bij: Fumiyuki Beppu, Markel Irizar, Andreas Klöden, Levi – die mag toch niet ontbreken – Leipheimer, Yaroslav Popovych en Haimar Zubeldia. Natuurlijk wordt het team geleid door Johan Bruyneel, de ‘personal trainer’ van Lance. Momenteel traint het team in de buurt van Tucson in Arizona. Vanaf januari rijden de RadioShacks iedereen weer het snot voor de ogen! Niet slecht voor een atleet die eigenlijk tot de veteranenklasse behoort!

Donkerblauw is cool, maar zwart en geel zijn ook stoer. Helaas koos Team RadioShack voor een andere combinatie. (c) Team RadioShack.

Donkerblauw is cool, maar zwart en geel zijn ook stoer. Helaas koos Team RadioShack voor een andere combinatie. (c) Team RadioShack.

Een ijstijd in een paar maanden

Het kan zo maar gaan gebeuren: een ijstijd! Tussen de vijftiende en de negentiende eeuw was er in onze contreien in beperkte mate sprake van. De temperatuur lag toen gemiddeld zo’n één tot twee graden onder de waarden die we tegenwoordig gemiddeld bereiken. Deze ‘kleine’ ijstijd is er de reden van dat we zo veel ‘Hollandsche Meesters’ hebben die wintertaferelen hebben geschilderd. Nieuw onderzoek wijst uit dat we met z’n allen al binnen een paar maanden wollen mutsen moeten gaan dragen als het een beetje fout loopt. Broeikaseffect of niet!

De musea hangen vol dankzij de kleine ijstijd.

De musea hangen vol dankzij de kleine ijstijd.

Warme Golfstroom
De Noord-Atlantische Drift of de Golfstroom kan in dit geval als boosdoener worden aangemerkt. Of liever: het ontbreken van die snelle, krachtige en bovendien warme stroming in de oceaan. De stroom begint in de Golf van Mexico. Van daaruit beweegt de warme stroming langs de Oostkust van de Verenigde Staten naar Newfoundland. Daarna steekt de Golfstroom de Atlantische Oceaan over en botst tegen de kusten van Spanje en Frankrijk in de Golf van Biskaje. Hier buigt de Noord-Atlantische Drift af naar het Noorden om uiteindelijk de Noordelijke IJszee te bereiken. De warme stroming heeft direct effect op het weer in Europa.

De kaart van Europa in 2010? 2030? 2060? 2100?

De kaart van Europa in 2010? 2030? 2060? 2100?

Uitvoerig onderzoek
De European Science Foundation deed uitvoerig onderzoek naar de warme Golfstroom. En uit dit onderzoek blijkt dat de Noord-Atlantische Drift zo maar kan verdwijnen. Daardoor krijgt het Noordelijk halfrond te maken met een mini-ijstijd. Dit kan – zo berekenden de wetenschappers – binnen een paar maanden het geval zijn.

Zo'n 13.000 jaar geleden hadden we altijd een 'witte kerst'.

Zo'n 13.000 jaar geleden hadden we altijd een 'witte kerst'.

Veel water in zee
Bijna 13.000 jaar geleden gebeurde zoiets namelijk ook. Toen braken de oevers van een groot meer in Noord-Amerika (het Agassizmeer) waardoor er onnoemelijk veel water in zee terecht kwam. Dit water zorgde er voor dat de Golfstroom werd verdund, afkoelde en behoorlijk tot stilstand werd gebracht. Het gevolg: koude voeten in Europa! De ijskappen groeiden aan en de mens kreeg het moeilijk. In deze tijd verdween Groenland onder een dikke laag ijs. De Golfstroom deed er ongeveer twee eeuwen over om weer op gang te komen. Pas na die twee eeuwen werden de temperaturen weer wat aangenamer op de Europese toendra’s!

Komen de mammoet en de sabeltandtijger samen met het ijs terug?

Komen de mammoet en de sabeltandtijger samen met het ijs terug?

Dertien millennia geleden
Het ESF-onderzoek toont aan dat Groenland nu ook een cruciale rol kan spelen. Als het ijs van dertien millennia geleden allemaal zou smelten, kan het verse water er voor zorgen dat de Golfstroom wordt getemperd en weer tot stilstand komt. Leg in dat geval je mutsen, wanten en dassen maar klaar! De ‘Big Freeze’ is dan weer terug!

Fietsen om televisie te kijken

Een vinding uit de oude doos, maar dan opgepoetst. Die gedachte schoot door me heen toen ik de ‘nieuwe’ Pedal-A-Watt zag. De zoektocht van de mens naar schone en vernieuwbare energie is weer eens bij de fiets uitgekomen. Hang je vélo in de Pedal-A-Watt, trap er als een gek ventje op los, laat een soort van dynamo meelopen en zie daar: elektriciteit! Met elke trapbeweging produceer je stroom. En je krijgt er tegelijkertijd een goede conditie van. Omdat je het er ook warm van krijgt, gaat ook je gasrekening voor de verwarming omlaag!

Ook tijdens de Tweede Wereldoorlog werd er met een fiets elektriciteit geproduceerd.

Ook tijdens de Tweede Wereldoorlog werd er met een fiets elektriciteit geproduceerd.

De oude fiets van opa
In de Tweede Wereldoorlog kenden ze het principe van de Pedal-A-Watt ook al. In die tijd werd zoon- of dochterlief op de oude fiets van opa gezet (denk aan de blokken op de pedalen!). De dynamo werd op de band gezet en fietsen maar! Via een stroomdraadje was de dynamo verbonden met een klein peertje aan het plafond. Elke trapbeweging zorgde voor een flikkerend lichtje. Zo werd het ’s avonds in oorlogstijd toch een beetje licht. Als zoon- of dochterlief moe werd, trad onmiddellijk de duisternis is.

De Pedal-A-Watt is te bestellen in de Verenigde Staten. (c) Convergence Technologies.

De Pedal-A-Watt is te bestellen in de Verenigde Staten. (c) Convergence Technologies.

Twee uur fietsen, twee uur televisie
De Pedal-A-Watt van het Amerikaanse Convergence Technologies wijkt in dit laatste af van zijn voorganger. De met fietsen opgewekte elektriciteit kun je namelijk opslaan in een zogenoemd ‘power pack’. Deze accu geeft op het moment dat de gebruiker het wil zijn stroom af. Een uurtje fietsen zorgt er zo voor dat je acht uur lang een lampje kunt laten branden. Twee uur in de pedalen staat gelijk aan twee uur televisie. In die tijd kun je er ook voor zorgen dat je laptop twintig uur zonder netspanning kan functioneren. Je kunt er trouwens ook voor kiezen om – precies zoals in de oorlog – de energie meteen te gebruiken om een elektrisch apparaat aan te drijven.

In een oogwenk
Vrijwel elke fiets is geschikt om te gebruiken in combinatie met de Pedal-A-Watt. Je zet je tweewieler in een oogwenk in de standaard. En daarna kun je jezelf al in het zweet gaan werken. O ja, de Pedal-A-Watt is niet goedkoop. Je kunt ‘m bestellen in de Verenigde Staten. Inclusief transportkosten en een accu komt het ding op zo’n vijfhonderd euro.

Het beeld van de wereld

Het zal wel aan het onderwijspeil liggen. Het kan ook te maken hebben met de kennisinflatie waarmee de gehele wereld kampt. Of met de verregaande vervlakking van onze samenleving. Hoe dan ook: veel landgenoten kunnen op een blinde kaart niet meer aanwijzen waar ze wonen. Dit levert weer ‘hilarische’ en ‘historische’ televisiemomenten op. Zoals bij het ‘volwassen nieuwsprogramma’ CQC, waar een aantal overgebleven Popstarskandidaten op een schoolbord hun geboorteplaats moesten aanwijzen. Slechts weinigen slaagden er in om de vinger op de wieg te leggen. Waar hebben we dat meer gezien? In de jaren negentig soms? De ‘Vakantieman’? Of was het ‘Het is hier fantastisch!’? Schaamteloos verklaarden in alle staten van delirium tremens verkerende vakantiegangers dat Spanje toch echt lag op de plek waar normaal gesproken Denemarken te vinden is. “Kijk maar, daar ligt de zee waar ik vanmorgen met mijn luchtbedje op heb liggen dobberen!“. Ook in de Verenigde Staten lopen van deze heldere geesten rond. Zij produceerden bijvoorbeeld het kaartje dat ik bij dit bericht heb opgenomen. Ik deel het graag met jullie!

Binnenkort ook verkrijgbaar op je navigatiesysteem: de wereld volgens de Amerikanen!

Binnenkort ook verkrijgbaar op je navigatiesysteem: de wereld volgens de Amerikanen!

Grieppandemie eiste miljoenen levens

H1N1 waart rond. Tot voor kort hadden we het over de Mexicaanse Griep. Een jaar of negentig geleden hadden we in onze contreien ook al te maken met een Spaanstalige griep: de Spaanse Griep, die eigenlijk Amerikaanse Griep had moeten heten en door de Duitsers tot Vlaamse Griep werd ‘gebombardeerd’. De grieppandemie van 1918-1919 eiste – zo wordt tegenwoordig geschat – meer dan twintig miljoen levens. Bizar detail is dat de Spaanse Griep èn de Mexicaanse Griep beide worden veroorzaakt door het H1N1-virus.

Mondkapjes bleken weinig succesvol tegen de Spaanse Griep.

Mondkapjes bleken weinig succesvol tegen de Spaanse Griep.

Amerikaanse soldaten
De Spaanse Griep werd in Europa geïmporteerd door Amerikaanse soldaten. Deze kwamen meevechten aan het Westelijk front. De Amerikanen verspreidden het virus onder hun geallieerde wapenbroeders. Ook de vijand werd er mee bestookt. Een gevalletje van onbewuste biologische oorlogsvoering dus. De eerste dodelijke slachtoffers vielen in de loopgraven.

De Spaanse Griep kostte miljoenen het leven.

De Spaanse Griep kostte miljoenen het leven.

Feestelijke parades
Toen de oorlog over was en de troepen naar huis terugkeerden, namen de soldaten het virus mee van het slachtveld. Hierdoor besmetten zij ook het thuisfront. Dit gebeurde vooral tijdens de feestelijke parades en massabijeenkomsten van de ‘glorieuze overwinnaars’. De pandemie doodde zonder mededogen. Kinderen, bejaarden, maar ook gezonde volwassenen tussen de twintig en de veertig. De Spaanse Griep – zo genoemd omdat de Spaanse media er als eerste over berichtten – kon zo toeslaan omdat de weerstand van veel mensen veel te wensen overliet door de schaarste als gevolg van de oorlog.

De Spaanse Griep werd al snel een pandemie.

Ook bij de Spaanse Griep wilde de overheid 'grip op de griep' houden.

Varkensgriep en vogelgriep
Tegenwoordig gaan wetenschappers er van uit dat de Spaanse Griep op twee manieren kan zijn ontstaan. Het kan een gemuteerd Chinees varkensgriepvirus zijn geweest (hé, dat klinkt bekend), dat via Chinese spoorwegarbeiders in de Verenigde Staten terecht kwam. Maar het kan evenzogoed een spontaan gemuteerd vogelgriepvirus zijn. In dat geval zou de geboorteplaats een militaire kazerne in de Amerikaanse staat Kansas zijn. Hier werd pluimvee gefokt om te dienen als voedsel voor de manschappen. Het virus zou van de vogels zijn overgesprongen op het keukenpersoneel. Daarna kwamen besmettingen van mens-tot-mens tot stand.

De 'Griep van 1918-1919

De 'Griep van 1918-1919' bleek een massamoordenaar te zijn.

Hoge koorts, hoesten, spier- en keelpijn
De ‘Griep van 1918-1919’ bleek een massamoordenaar te zijn. De ziekte begon met hoge koorts, hoesten, spier- en keelpijn. Daarna volgde een extreme moeheid. De patiënten verloren in snel tempo ontzettend veel energie. Het eten en drinken werd hierdoor bemoeilijkt. Ook het ademhalen werd een steeds lastiger opgave. Vaak leidde de griep al binnen enkele dagen tot de dood. Er wordt tegenwoordig vanuit gegaan dat een kleine kwart van de toenmalige wereldbevolking (ongeveer een half miljard mensen) de Spaanse Griep onder de leden had. In Nederland vielen er ongeveer 27.000 slachtoffers.

Hoesten en niezen zorgen voor verpreiding van de Spaanse Griep.

Hoesten en niezen zorgen voor verpreiding van de Spaanse Griep.

Snelle opkomst en snelle ondergang
Het bizarre was de snelle opkomst en snelle ondergang van de Spaanse Griep. Eind 1919 was de pandemie voorbij. En toen werd het lange tijd stil. Tot september 2005. Wetenschappers van het pathologisch instituut van het Amerikaanse leger slaagden er toen in het Spaanse Griepvirus opnieuw aan te maken. Dit deden zij door longweefsel te gebruiken van een soldaat die in 1918 aan de Spaanse Griep overleed. Het ‘nieuwe’ virus was H1N1. En laat dat nu net het virus zijn dat we tegenwoordig kunnen ‘ontmoeten’ als de Mexicaanse Griep. Is dat toeval?

Zou alcohol écht helpen tegen de griep?

Zou alcohol écht helpen tegen de griep?

Drink veel alcohol
Wellicht een tip voor personen die de Mexicaanse Griep onder de leden hebben: drink veel alcohol! Zo schijnt Alfons XIII van Spanje na het drinken van een hele fles rum zich in één keer een stuk beter te hebben gevoeld. De koorts verdween snel. Helaas kwam de kots er voor terug. Goed, voor wie de alcohol geen goed idee vindt: vitamine C en vooral vitamine D helpen ook. En natuurlijk kun je je ook laten prikken. Maar misschien is het middel dan wel erger dan de kwaal, gezien het feit dat de Mexicaanse Griep (nu nog) mild schijnt uit te pakken.

Pompoenen en chrysanten

Het was druk op de kerkhoven in Frankrijk en België. Rijen dik stonden de nabestaanden te wachten op hun beurt om bij de strategisch bij de ingang van de begraafplaats opgestelde bloemisten hun bolchrysanten aan te schaffen. Op die manier betuigden zij hun jaarlijkse eer aan de doden. We zagen dit tafereel tijdens onze reis van afgelopen zondag door Noord-Frankrijk en België. We schrijven 1 november, officieel is het dan Allerheiligen. En officieel zijn al die Fransen en Belgen een dag te vroeg, want vandaag – met Allerzielen – zouden ze pas écht welkom zijn op de knekelhoven. Maar ja, het is maandag en er moet worden gewerkt. Behalve de ambtenaren, want die hebben een dagje vrij werd op het nieuws gemeld.

Jack Skellington, de pompoenkoning. (c) Tim Burton.

Jack Skellington, de pompoenkoning. (c) Tim Burton.

Heiligen en martelaren
Allerheiligen is een Christelijk feest dat valt op 1 november. Katholieken en Anglicanen vieren het. Ook de Grieks Orthodoxe Kerk kent Allerheiligen. Aanhangers van deze kerk vieren het echter de eerste zondag na Pinksteren (Drievuldigheidszondag). Allerheiligen staat helemaal in het teken van de heiligen en martelaren. Daar wordt die dag eens extra aan gedacht. Waarschijnlijk is Allerheiligen rond 830 na Christus bedacht om de aandacht een klein beetje af te leiden van de voorouderverering die op Allerzielen plaats had. Allerzielen bestond namelijk al als heidens feest in de voorchristelijke tijd

Overledenen
Allerzielen wordt gevierd op 2 november. Tijdens deze Roomse hoogtijdag worden alle overledenen herdacht. Ook worden her en der requiemmissen opgedragen. Het is tijdens deze dag dat nabestaanden bloemen plaatsen bij het graf van hun dierbaren. Vaak zijn dit chrysanten, want die gaan zo lekker lang mee en zien er zo fleurig uit! Allerzielen stamt hoogstwaarschijnlijk van het Keltische feest Samhain. Samhain werd in de nacht van 31 oktober op 1 november gevierd. De Kelten zagen dit als hun nieuwjaarsnacht. Het oude jaar werd ten grave gedragen en het nieuwe stond op uit het graf. De overbekende naam ‘Halloween’ heeft alles te maken met Allerzielen. Zoals ook bij Kerstmis het geval is, hechten de Engelstaligen veel waarde aan de avond voor de grote feestdag. Christmas Eve(ning) is bekend. Analoog hieraan werd er ook gesproken van een All Hallows Eve(ning). Dit betekent letterlijk ‘Allerheiligenavond’ ofwel ‘de avond voor Allerheiligen’. Later werd All Hallows Eve verbasterd tot Hallowseve en nog later Halloween.

De Ieren droegen lantaarns met zich mee die waren gemaakt van uitgeholde pompoenen. (c) Tim Burton.

De Ieren droegen lantaarns met zich mee die waren gemaakt van uitgeholde pompoenen. (c) Tim Burton.

Samhain werd Halloween
De Kelten die de avond voor Samhain vierden en zo aan de wieg stonden van Halloween dachten dat de geesten van de doden uit hun graven zouden opstijgen om op zoek te gaan naar voedsel en naar een levend lichaam om daar het komende jaar mee vooruit te kunnen. Om de ‘boze’ geesten voor de gek te houden en af te weren, droegen de Kelten maskers en legden zij voedsel neer. Later zijn deze gebruiken vermengd met Romeinse en Christelijke invloeden. Samhain werd Allerheiligen/Halloween. En het werd een gebruik om als Christen op 2 november verkleed in lompen te bedelden voor zogenoemde zielencakes (krentenbrood). Elke verzamelde zielencake stond gelijk aan een gebed voor een overledene. De schenker van de zielencake kon op deze manier zijn nabestaanden eren en tegelijkertijd er voor zorgen dat hij wat zonden kwijtraakte. In feite raakten Allerheiligen en Allerzielen dus vermengd in het meer wereldlijke feest van Halloween. De Verenigde Staten maakten pas halverwege de negentiende eeuw kennis met het Europese Halloween. Ierse immigranten namen het feest mee naar de VS. Het is bizar om nu te zien dat het veramerikaniseerde feest weer terug wordt gebracht naar Europa, het gebied waar het feest ooit is ontstaan. Trick or treat? Jij mag het zeggen!