De Europese Unie is er eentje van grote verschillen. Dat blijkt bijvoorbeeld als je in het buitenland koffie bestelt. In Nederland kost een bakkie troost – vaak van een bedenkelijke kwaliteit – al gauw een euro of twee. Beetje schuim erbij, noem het een cappuccino en het is ineens een euroknaak waard. In de Zuid-Europese Unielanden lachen ze de veters uit hun schoenen. De meest goddelijke nectar – die ze espresso, ristretto, coretto, café of bica noemen – kost drie keer niets. Oké, vijftig of zestig cent dan. Geen wonder dat er in landen als Portugal, Spanje en Italië een ware koffiecultuur bestaat. Even snel staandebeens een koffietje achterover gieten? Natuurlijk! In Nederland doe je dat niet. Te duur! Dus ga je er voor zitten en neem je nog wat lekkers bij die al te dure koffie. Alleen een kopje met bruin vocht staat immers ook zo kaal. Zou dit opzet zijn van de horeca? Geen idee. Het is wel opvallend.
Maandelijks archief: oktober 2010
Gelukkig
Wat is geluk? Dat is een veel gestelde vraag. Het is een relatief begrip. Volgens mij zijn we het eens over het feit dat geluk in de buurt komt van begrippen als plezier, genoegen, voldoening, geborgenheid en tevredenheid. Wie ooit heeft bedacht dat geluk kan worden bereikt door het continue streven naar steeds meer, steeds sneller en steeds harder, die moesten ze met terugwerkende kracht maar eens gaan bestempelen als de meest ongelukkige die ooit op deze aardkloot heeft rondgezworven. Over zwerven en geluk gesproken: ik kwam de onderstaande cartoons ergens tegen op het web. Waar? Pfwoei… Ze relativeren het ‘steeds-streven’. O ja, voor je gaat kijken, nog even een misvatting uit de wereld helpen: gel-uk is dus geen klein ventje met zo’n eigenwijs kuifje op z’n hoofd. Het is dus geen baasje met een kunstmatig erectiel kapsel dus. Maar dat terzijde.
Nooit geweten…
“We hebben het nooit geweten…” Hoe vaak hebben we die zin niet gehoord als het gaat om de concentratiekampen in de Tweede Wereldoorlog? Jaren geleden bezocht ik het kamp in Dachau (KZ Gedenkstätte Dachau). Dat ligt zo’n beetje midden in de Zuid-Duitse plaats. De Dachau-ers hebben het zeker wel geweten wat er zich afspeelde achter de poort met de sierlijke ‘Arbeit-Macht-Frei’-belettering. Zeer recent doken er foto’s op van Kamp Vught. In Vught waren er weinigen die ‘van niets’ wisten. De gevangen werkten namelijk niet alleen binnen de kampomheining, maar ook er buiten. De unieke foto’s zijn afkomstig uit een particulier fotoboek. Ze tonen een bevroren moment van 1944. Het bijzondere is dat er zowel gevangen als bewakers duidelijk in beeld zijn gebracht. En dat schijnt erg zeldzaam te zijn. De foto’s die we tot op heden kenden, waren wazig en vaag. En voornamelijk gevangenen werden zo op de gevoelige plaat vastgelegd. De pas ontdekte foto’s zijn gemaakt door een tuinman. Hij had enorm veel geluk dat de bewakers zich ook lieten fotograferen. Een uniek plaatje van een verschrikkelijke tijd. Ga maar eens kijken in het bezoekerscentrum van Nationaal Monument Kamp Vught.
Not so fast food
Mc Donalds, Burger King, Pizza Hut, KFC. Het maakt niet uit in welke stad en in welk land je komt, overal zijn dit soort vreetschuren te vinden. Overal smaakt het eten exact hetzelfde. Overal is de inrichting identiek. In de wereld van de fastfoodrestaurants is kennelijk geen plek voor individualisme, eigenheid en creativiteit. Dat dacht ik tenminste tot voor kort.
Eigenzinnige keten
In Portugal is namelijk een heel eigenzinnige keten te vinden. Die keten mag wat mij betreft heel snel de vleugels naar Nederland uitslaan. Het eten is er vers en belachelijk goed. Het is ook nog eens spotgoedkoop. Ze propageren een ‘not so fast food’-keten te zijn. En dat zijn ze ook, want je moet er even wachten op je bestelling. Die is dan wel meteen precies zoals je ‘m hebben wilt: rauw, rosé, medium, doorbakken, met of zonder saus, met of zonder ui, met of zonder ‘zijsalade’, vers gebakken focacciabroodje (!), rijst (!!) spinazie (!!!) of knisperend-gebakken-door-de-medewerkers-zelf-gesneden aardappelschijfjes (!!!!).
Geen disposables
Je maaltijd (waar je met gemak met z’n tweetjes van kunt eten) wordt geserveerd op porselein. Niks geen disposables dus! Oké, alleen voor je colaatje dan. Bestek van écht metaal completeert je lunch of diner. Met volle buik, een tevreden gemoed en een aangenaam gevoel verlaat je daarna het pand. Hoe die keten heet? H3. Vraag mij ook niet waarom. Het is zo.
Reclame of tegeltjeswijsheid?
Reclame is vluchtig. Dat wordt tenminste over het algemeen aangenomen. Wie onderweg zijn of haar ogen de kost geeft, concludeert anders. Wie kent niet de Dubonnet-muurschilderingen uit Zuid-Frankrijk? Of de Byrrh-reclames in dezelfde contreien. Heel af en toe kom je deze verouderde reclameuitingen ook in Nederland tegen (in ‘s-Hertogenbosch zit er eentje in een zijsteegje van de Hinthamerstraat. Ga maar eens kijken). In Portugal wordt niet geschilderd. Nee, daar maken ze reclame met azulejos. De verkoopboodschap wordt zo vanzelf een tegeltjeswaarheid.
Gepolijste steen
Azulejos zijn niets anders dan kleurige tegeltjes die in een bepaald patroon zijn gezet. Je treft ze vooral aan in Portugal (Algarve) en Spanje (Andalusië). Huizen, winkels, portieken, kerken en openbare gebouwen zijn vaak mooi fleurig betegeld. Het schijnt zo te zijn dat de azulejos in de vijftiende eeuw door de Moren zijn geïntroduceerd. Het woord is afgeleid van de Arabische term ‘al zulaydj’, dat zoiets betekent als ‘gepolijste steen’. De Moren hadden de tegelkunst trouwens niet zelf bedacht. Ze leenden ‘m van de Perzen.
Tegelreclame van Schweppes
Hoewel azulejos vooral decoratief worden en werden gebruikt, zijn ze in een grijs verleden ook toegepast voor reclameuitingen. Onderweg in Portugal kwamen wij een leuk voorbeeld tegen van Schweppes. Op het eerste gezicht is het één beeld. Kom je dichterbij, dan zie je dat het is opgebouwd uit tegeltjes die flink veel craquelé vertonen. Erg bijzonder om te zien! En redelijk uniek. Voor het ontwerp en de uitvoering tekende Aleluia uit Aveiro. Tegenwoordig houdt deze zaak zich niet meer bezig met reclame. Je kunt er wel badkamers kopen.
Multicultureel proces Wilders
Geert Wilders is dagelijks in het nieuws. Is het niet vanwege zijn gedoogsteun aan het nieuwe kabinet, dan is het wel in verband met de rechtszaak die momenteel tegen hem wordt gevoerd. Laat een paar zaken duidelijk zijn: ik ben een hartvochtig vóórstander van de vrijheid van meningsuiting, maar ik ben geen fan van de geblondeerde ‘volksmenner’.
Respect
Dat iemand – politicus of niet – voor het gerecht wordt gedaagd omdat hij of zij bepaalde zaken heeft gezegd, strookt niet met de vrijheid van meningsuiting. Het is mijns inziens veel beter dat er IETS wordt openlijk gezegd, dan dat IETS alleen heimelijk wordt gedacht en gaat ‘etteren’ in kleine, bekrompen kring. Je hoeft het ook niet met elkaar eens te zijn, als er maar wederzijds respect is. Goed, daar gaat het me niet om. Het viel me namelijk op dat het proces van Wilders het toonbeeld is van onze multiculturele samenleving. Ik zal – puntsgewijs – uitleggen wat ik bedoel:
- Wilders is van Limburgse komaf.
- Zijn vrouw komt uit Hongarije.
- Zijn advocaat is joods.
- En zijn rechter – die hij wilde wraken – is Moors.
Was Moors in vroeger tijden geen synoniem voor moslim? Dat is bizar!












