Manau of Alan Stivell?

Wel (een beetje) bekend in Nederland: Manau. Toegankelijke Bretonse hiphop in een lekker muzikaal jasje. La Tribu de Dana is het meest bekend van dit drietal. Helaas is het een beetje stil geworden rondom Martial Tricoche en zijn vrienden. Martial is overigens solo gegaan. Dat leverde ook een lekker album op. Helaas nooit gehoord in Nederland. Zoals zo vaak.

Manau zien en horen?

En dit is het origineel van Alan Stivell:

Muziek met een zonnetje

Wat een boer niet kent… Dat spreekwoord gaat zeker op als het om muziek gaat. Op 3FM en aanverwante zenders horen we eigenlijk alleen Engelstalig spul. En dat terwijl er een hele schatkist aan anderstalig materiaal voor handen is. Vaak is het muziek waar een zonnetje in ingebakken. Geluid om je verlangen naar een zonnige vakantie (bijvoorbeeld in de Provence) wat aan te wakkeren.

Wat dacht je bijvoorbeeld van Massilia Sound System? Deze groep zingt in het Frans/Provencaals/Occitaans:

Of van onze grote vriend uit Algerije, Khaled:

Deze mogelijke Frans/Afrikaanse zomerhit dan?

Om nog maar te zwijgen van de Fabolous Trobadors:

Had ik Ridan al vermeld?

Gelukkig hebben we nu wel wat Duitstaligs in de hitlijsten staan (schitterend nummer trouwens!):

Joie de vivre op de vroege morgen

8.00 uur ‘s ochtends en dan al twintig plus! Het lijkt wel Zuid-Frankrijk hier. Zeker toen ik de snelweg opdraaide om naar mijn werk te rijden. Een groene Méhari kwam me tegemoet. Zijn bestuurder zat gezonnebrild, in t-shirt en korte broek heerlijk ‘open’ te genieten. Het was een grappig gezicht, tussen alle gejaagde kantoorslaven en gesjeesde werkbaasjes. Even wat joie de vivre op de vroege morgen. Automobiel relativeren kun je het ook noemen. Want, is het nu zo belangrijk om op tijd te arriveren? Gaat het om het doel? Of om de reis. Bij deze Méharist ging het duidelijk om de reis. Groot gelijk heeft-ie!

Zo'n Méhari kwam ik vanochtend tegen. (c) Mehari Club Cassis.

Zo'n Méhari kwam ik vanochtend tegen. (c) Mehari Club Cassis.

De Méhari zorgde er bij mij voor dat het altijd aanwezige latente verlangen naar laissez-faire en laissez-passer (oftewel het ultieme vakantiegevoel) weer wat meer ging ontwaken. Ik besefte dat het nog even duurt voordat de grote vakantie aanbreekt. Dan komen we ongetwijfeld meer Méhari’s tegen! Want dat de reis Zuidwaarts zal gaan, dat is zeker. En daar wonen de Méhari’s (en nog meer van dat leuke spul). Goed, om helemaal in de stemming te komen een toepasselijk chansonneke van één van mijn favorieten. Overigens is het al weer veel te lang geleden dat er een Franse zomerhit was te horen in de Nederlandse ether!

Lakotah riepen republiek uit

Er bestaat een oud land binnen de Verenigde Staten. Eigenlijk is er meer sprake van meerdere oude landen. Die landen waren er al eeuwen voordat de Europeanen voet aan wal zetten. Ze zijn er ook altijd geweest, tot op de dag van vandaag. Het is wel zo dat de Westerse overheden liever niet horen dat er meerdere naties bestaan binnen wat zij hun territoriale grenzen noemen.

De Republic of Lakotah als enclave van de Verenigde Staten.

De Republic of Lakotah als enclave van de Verenigde Staten.

Mitakuye Oyasin
Een heel treffend voorbeeld is de enige tijd geleden uitgeroepen Republic of Lakotah (Mitakuye Oyasin). Terwijl het hele Westen te veel met zichzelf en met economische zaken bezig was, zegden de Lakotah begin 2009 (nogmaals) alle verdragen op die zij – gedwongen – met de Verenigde Staten hebben gesloten. De reden: de VS hebben keer op keer alle bepalingen van de verdragen geschonden. Het is op zijn zachtst gezegd bijzonder te noemen dat we hierover niets hebben gehoord in de media.

De Lakotah waren eens heer en meester over de grote vlakten.

De Lakotah waren eens heer en meester over de grote vlakten.

155 jaar gewacht
De Lakotah (dit Noord-Amerikaanse volk werd voorheen ook met de denigrerende naam Sioux aangeduid) hebben minstens 155 jaar gewacht op het moment dat de regering van de Verenigde Staten zich aan de gemaakte afspraken zou gaan houden. Tevergeefs, zo concludeerden de Lakotah. Alle bepalingen uit de gesloten verdragen zijn door de Verenigde Staten in de wind geslagen. Met desastreuze gevolgen voor de Lakotah.

Lakota(h) ligt ingeklemd tussen Amerikaanse staten.

Lakota(h) ligt ingeklemd tussen Amerikaanse staten.

Grenzen vaststellen
De Lakotah riepen de regering van Barack Obama op om met hen om tafel te gaan zitten om de grenzen tussen beide landen vast te stellen. Tijdens zo’n gesprek zouden ook andere onderwerpen – denk hierbij aan het bezit van de natuurlijke hulpbronnen – aan bod kunnen komen.

Tipi's van de Lakotah in de negentiende eeuw.

Tipi's van de Lakotah in de negentiende eeuw.

Internationaal gerechtshof
Als de Verenigde Staten niet willen praten, schuwen de Lakotah niet om naar de rechter te stappen. Het zal dan wel een internationaal gerechtshof moeten zijn, want de Lakotah zijn naar eigen zeggen geen onderdanen van de VS. Daar hebben ze overigens gelijk in. Want in geen enkel gesloten verdrag is de soevereiniteit overgedragen van de Lakotah naar de Verenigde Staten. Het is dan ook logisch dat de Lakotah spreken over een wedergeboorte van hun natie. De Lakotah staan nog sterker omdat ze een beroep kunnen doen op het universele zelfbeschikkingsrecht, de bepalingen uit de Weense Conventie uit 1980 en op de in 2007 door de Verenigde Naties opgestelde Verklaring van de rechten van inheemse volkeren. Ik ben erg benieuwd hoe deze renaissance van Noord-Amerikaans inheems politiek activisme gaat uitpakken.

American Horse, één van de grote Lakotahkrijgers uit het verleden.

American Horse, één van de grote Lakotahkrijgers uit het verleden.

Lulijzers en looporen

Ze glimmen. Ze lonken. Ze verleiden. Kleine apparaatjes zoals MP3-spelers en mobiele telefoons. Je moet sterk in je schoenen staan om niet in hun val te trappen. Dat merkte ik de afgelopen tijd bij de keuze voor een nieuw mobiel abonnement. Ze hadden me bijna te pakken, maar op het juiste moment zag ik een uitweg. Gelukkig!

De hoeveelheid (goede) afgedankte mobieltjes is enorm!

De hoeveelheid (goede) afgedankte mobieltjes is enorm!

‘Schapenclub’
Mijn huidige telefonieaanbieder is een oplichter. Dat weet die ‘schapenclub’ zelf stiekem ook wel, denk ik. Een paar jaar geleden koos ik bij hen voor een abonnement van 15 euro per maand. Uit die 15 euro zouden mijn belkosten worden betaald. Mooi, zou je denken. Niet dus: bel je in het buitenland, dan krijg je een extra – vaak hoge – rekening. De sneaky bastards! Gemiddeld genomen waren mijn maandelijkse kosten dus vrij hoog. Het rotte was ook dat je ‘beltegoed’ slechts een maandje geldig was. Daarna was het foetsie. Tsss!

Kijk d'r eens lonken... (c) Nokia.

Kijk d'r eens lonken... (c) Nokia.

Vreemde voorwaarden
Omdat mijn contract in augustus afloopt, ging ik de afgelopen tijd op zoek naar een andere ‘lulijzerdienstdealer’. Vrijwel allemaal hebben ze vreemde voorwaarden en rare kronkels in hun bepalingen. Vergelijken is bijna niet te doen. Het is hun tactiek om alles zo onduidelijk mogelijk te houden. Wel wordt bij elke ‘loopoordienstverlener’ uitgebreid stilgestaan bij de nieuwste mobieltjes die je ‘gratis’ kunt krijgen. Ook ik viel voor deze tactiek. Mijn bescheiden wens – een goedkoop abonnement waarbij je beltegoed onbeperkt houdbaar is – veranderde als vanzelf in een duurder abonnement met een glimmende Nokia of LG. Je weet wel, zo’n moderne met een aanraakscherm.

skrivadur deed verstandig en kocht een SIM-only.

skrivadur deed verstandig en kocht een SIM-only.

Een flexibel dingetje
Bijna was ik voor de bijl. Totdat ik toevallig een collega hoorde praten over zijn nieuwe abonnement. Een heel flexibel dingetje zou het moeten zijn. En ja, je beltegoed blijft onbeperkt houdbaar. En ja, bellen in het buitenland doe je met dit tegoed. Geen extra kosten dus. Ook internetten (als je dat al zou willen) en sms’en gebeurt met hetzelfde tegoed. Ideaal, dacht ik. Ik spoedde mij naar deze roze telecomgigant – die gelukkig wèl èchte winkels heeft – en deed een SIM-only-abonnementje. Tja, mijn toestel is nog gewoon goed, waarom zou je dan een ander apparaatje doen? Nu krijg ik een tegoed van 20 euro waar ik elke maand 10 euro voor betaal. Ja, ik zit er wel 24 maanden aan vast. Maar reken eens even mee: 12 maanden x 10 euro = 120 euro. Dat maakt het totaal in twee jaar 240 euro. Deze bescheiden investering levert echter wel een onbeperkt beltegoed op van 480 euro. Dat is honderd procent winst! Geen wonder dat er slechts weinig telecomgiganten zijn die dit aanbieden. Er is voor hen immers weinig aan te verdienen.

Kraaien. Kauwen. Roeken.

Kraaien. Kauwen. Roeken. Een échte vogelkenner ben ik niet. En ik zal het ook nooit worden. Oké, ik weet het verschil tussen een roodborstje en een ekster. Een groenling en een zanglijster kan ik ook nog uit elkaar houden. Datzelfde geldt voor een merel en een mus. Eend of meeuw? Geen probleem! Maar daar gaat het nu niet over.

Kra! Kra! Kra!

Kra! Kra! Kra!

Zwarte gevederde vriend
Ik wilde het hebben over kraaien, kauwen of roeken. Voor mij is dat een beetje meer van hetzelfde. Wel weet ik dat het geen raaf – ook zo’n zwarte gevederde vriend – kan zijn geweest, die ik vanochtend tegenkwam. Raven zijn namelijk uitgestorven in dit deel van Europa. Goed, even terug naar het onderwerp: als fietsende forens (vandaag dan) viel het me op dat de vogelkindjes van de kraai, kauw of roek wel heel erg lang worden gevoerd. Ik zag een puberexemplaar zitten op het fietspad. Ik kwam er aan zoeven, maar deze ‘hangjongere van het zwerk’ ging geen centimeter aan de kant. Luid krassend liet hij zijn vader of moeder weten dat zijn maagje aan het knorren was.

Honger!

Honger!

Te goed bij stem
Het beestje was vrijwel net zo groot als de oudervogel. Papa of mama reageerde enorm gestresst. Snel, snel, snel werd er wat naar binnen geschoven bij de ‘baby’. Het jong was nog steeds niet tevreden. Luid kraaiend dwong het de oudervogel om nog meer voer te geven. De papa of mama raakte bijna in paniek. Ik dacht bij mezelf: dit moet niet lang meer doorgaan op deze manier. Want dan gaat het oude beestje er écht onderdoor. Vermanend wilde ik de puber aanspreken, maar ik was te goed bij stem. Hoe ik ook mijn best deed: er kwam geen gekras uit. Zal ik wachten totdat keelpijn heb? Dat zal wel zo’n beetje halverwege de herfst zijn. Dan zou ik wel kunnen communiceren zoals doctor Dolittle. Ach, ik zal er wel nooit achter komen hoe lang de kinderkraaien, -kauwen of –roeken op hun ouders blijven teren. Zo te zien veel te lang, dat was me wel duidelijk. Kra! Kra! En nog eens kra!

Voor als je het niet meer zeker weet

De Vlamingen zijn een volk met een bloemrijk taalgebruik. De stomerij heet er droogkuis, een dashboard van een auto noemen ze boordplank, een brandkoffer is een kluis en een flessenopener gaat als aftrekker door het leven. Kort geleden bracht ik een bezoekje aan onze Zuiderburen. In een fabriekshal waar veel magazijniers te vinden waren, hing dit bordje. Als de fabrieksmedewerkers het allemaal niet meer zeker weten, kunnen ze hier terecht. Geweldig idee! Wil je echt weten waarvoor dit bordje in de hal hing? Doe eens een gok zou ik zeggen…

Weet je het niet meer zeker? Bezoek dan de twijfelzone!

Weet je het niet meer zeker? Bezoek dan de twijfelzone!

Zin in een pauwkebab?

Misschien een rare vraag: heb je ooit zin gehad in een pauwkebab? Een wat? Een pauwkebab! Je weet wel: kebab, maar dan gemaakt van het vlees van een pauw. Zelf heb ik er nooit behoefte aan gehad. Culinair journalist Giles Coren en comédienne Sue Perkins mochten een hapje pauw proeven. De twee grapten er over dat het wel iets weghad van een droge kebab.

The Supersizers Eat... (c) BBC.

Licht verteerbaar en grappig
Sue en Giles aten het vreemde gerecht tijdens hun werk als ‘supersizers’ voor de BBC. Hun televisieprogramma gaat door het leven onder de naam ‘The Supersizers Eat…’. Als ware tijdreizigers brengen zij per aflevering een bezoek aan een bepaald tijdperk. Gisteravond stonden de middeleeuwen centraal. Op een zeer vermakelijke en smakelijke manier smeedden de twee presentatoren geschiedenis en eten tot één licht verteerbaar, interessant en grappig geheel.

Supersizers Sue en Giles in een ander historisch tijdperk. (c) BBC.

Supersizers Sue en Giles in een ander historisch tijdperk. (c) BBC.

Elke aflevering een ander tijdperk
Het schijnt dat de serie al in de lucht is sinds 2008. Helaas ontdekte ik de ‘supersizers’ pas gisteren. Elke aflevering wordt een ander tijdperk behandeld. Sue en Giles verkleden zich in historische kostuums. Als een stel archeogidsen wandelen ze met de kijker een virtuele zeven dagen lang door de historische tijd. Elke dag wordt gegeten en gedronken. Sommige gerechten lijken op eten dat we nu nog kennen. Vaker komt het voor dat er dingen op tafel staan, waar we nu onze neus voor ophalen. Wat dacht je van gevulde varkenskop? Of stukjes vlees in het vet? Brrr… Maar het is natuurlijk wel leuk om naar te kijken! Gaat het zien, zou ik zeggen! Elke maandagavond op BBC Two.

Krantenbaasjes willen geld zien

De krantenbaasjes willen geld zien. Dat is duidelijk. De strijd met internet en andere nieuwe media is immers hard. De gedrukte media (en dan vooral de dagbladen) hebben het zwaar. Het duurder maken van de abonnementen kan niet onbeperkt lang doorgaan. Evenmin kunnen de advertentietarieven nog hoger worden opgeschroefd.

De journalist heeft niet langer het alleenrecht op nieuws.

De journalist heeft niet langer het alleenrecht op nieuws.

Internetgebruikers moeten betalen
Hmm… Wat dan? Hoe kunnen de traditionele media dan wel aan geld komen? Het marktaandeel vergroten door met innovatieve producten te komen? Nee, dat is geen optie, de kranten zijn sinds het uitvinden van de boekdrukkunst niet super innoverend geweest. Eureka! We laten de internetgebruikers gewoon betalen. Want internet, dat is een plek waar de illegaliteit welig tiert. Dat is een broedplaats van…gratis (GRMBL!) nieuws! Die lui pakken we aan.

De kranten moeten innoveren. En de innovatiekosten zelf betalen.

De kranten moeten innoveren. En de innovatiekosten zelf betalen.

Heffing per aansluiting
De krantenbaasjes zijn blij. Zeker nu er wordt gedacht aan een heffing op elke internetaansluiting om de kranten te steunen. Met de opbrengsten van deze ‘perstaks’ moeten de krantenbaasjes innovatieprojecten gaan opzetten. Dit is een serieuze aanbeveling van de commissie-Brinkman. In opdracht van minister Ronald Plasterk (Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen) boog deze club zich over de toekomst van de Nederlandse dagbladsector. De commissieleden denken aan een zogenoemde ‘opslag’ van een paar euro per jaar. De kassa rinkelt en levert een slordige twintig miljoen op!

Niet janken, maar je krant aantrekkelijker maken. Dat werkt!

Niet janken, maar je krant aantrekkelijker maken. Dat werkt!

Perstaks dankzij drogredenen
De commissie komt met drogredenen waarom de ‘perstaks’ er zou moeten komen. Hou je vast: “De traditionele media hebben nog geen manieren ontwikkeld om geld te verdienen aan de online publicatie van nieuws” en “De heffing helpt de consument te beseffen dat nieuws op internet ook moet worden betaald”. Huh? Sterker nog: HUH! Dat de kranten hebben geslapen terwijl internet aan een opmars bezig was, kan toch niet op de internetgebruikers worden afgewenteld? Verder bestaat er ook zoiets als een vrije nieuwsgaring. Dat woordje vrij houdt ook kosteloos in. Kranten doen dat ook. Die verpakken het vrije nieuws in papier en vragen er geld voor. Waarom zou de internetgemeenschap er dan voor moeten opdraaien? Bizar! Het is écht Nederland op zijn smalst dat een commissie durft te komen met dit soort ‘wijze’ plannen! Wanneer leren ze nu dat internet een feit is? Dat internet zich niet in regels laat vangen? Dat op internet het vrije woord regeert? Ook als het om nieuws gaat! Da dagbladsector moet zelf de problemen oplossen en niet – nu het even wat tegenzit – als een klein huilend kind aankloppen bij de overheid.

Bedelen voor bankbaasjes

Filmmaker Michael Moore bedelt voor bankbaasjes. Dit past helemaal bij het thema van zijn nieuwste film over de achtergronden van de wereldwijde crisis. Eerst ging hij al op zoek naar wibocri’s die hun verhaal wilden vertellen. Die heeft hij gevonden. Het filmen is ook gebeurd. Michael is momenteel bezig met de laatste montagewerkzaamheden. Als teaser heeft hij al een leuke promo in elkaar geflanst. Als een bioscoopcollectant van het Bio Kinderrevalidatiefonds rammelt hij nu met een bus om geld in te zamelen voor de bankbaasjes die aan de bedelstaf zijn geraakt. En dat allemaal met de hilarische slogan ‘Save our CEO’s!’. We moeten nog even geduld hebben voordat de shockumentaire in Nederland wordt vertoond. Maar het zal ongetwijfeld weer een stofopwaaiende film zijn! Cool!